Enjoy free delivery on all orders over €50

Eskobablog 10 - De ultieme koopmaand: december

Black Friday, Chinese Vrijgezellendag, Sinterklaas, Kerst, en dan nog de ‘gewone’ uitverkoop: het is kopen, kopen, kopen wat de klok slaat aan het eind van het jaar. Elk jaar weer worden omzetrecords verbroken, het aantal pintransacties stijgt alwéér en de bezorgdiensten kunnen het nauwelijks aan.

Hoe kun je alle verleidingen die in je deze tijd van het jaar tegenkomt de baas blijven? Met al die aanbiedingen overal wordt je het idee opgedrongen dat je jezelf tekort doet als je niet koopt. Hoe werkt dat in ons brein, waarom kopen we zoveel en kopen we zelfs dingen die we niet nodig hebben? We hebben nog nooit zoveel spullen bezeten. Hoe kan het dat we dan toch weer meer willen? Joshua Becker van Becoming minimalist wijdde er een artikel aan waarin hij verschillende redenen op een rijtje zet. Ik licht er hier een paar uit. Het is, als je het zo bekijkt, helemaal niet zo raar dat we zoveel kopen.

Je koopt met je gevoel

Sommige mensen halen een gevoel van veiligheid uit bezit. En dat is terecht want materiële zaken brengen ons ook veiligheid: een huis, eten, kleding bijvoorbeeld. Jammer genoeg leveren meer spullen niet meer veiligheid op: nadat aan de basale levensvoorwaarden is voldaan, halen we veel minder zekerheid uit bezittingen dan we geloven. Andere mensen hopen gelukkig te worden met hun spullen: een groter huis, snellere auto, de nieuwste gadgets. Dit is ook al niet waar: het geluk dat je uit extra bezittingen zou kunnen halen is hooguit tijdelijk.

Wij mensen zijn ook veel vatbaarder voor advertenties dan we zelf denken. Dat laatste vind ik interessant. Wie kent niet de stelling dat irritante wasmiddelenreclames net zo goed of zelfs beter werken dan leuke? Zeker tegenwoordig is reclame onvermijdelijk: je hoeft maar iets op te zoeken op internet en je ziet het dagenlang in beeld verschijnen. Het schijnt dat we aan wel 3000 advertenties per dag worden blootgesteld. Op subtiele wijze speelt reclame op ons in: het gaat allang niet meer om feiten maar om een belofte van avontuur, reputatie, plezier, bevrediging. We beginnen te geloven in zo’n product of merk: ja, dit maakt ons leven echt beter. En vervolgens ga je voor de bijl.

Spelletjes

Als een artikel is afgeprijsd speelt het brein spelletjes met ons. En de winkeliers ook: die zetten een heel scala aan trucjes in om ons te laten geloven dat het artikel bijna is uitverkocht of dat heel veel mensen voor ons het ook hebben gekocht. Ze gebruiken rode banners en stickers, want de klanten associëren die kleur met korting en sale. En daar ga je: je ziet iets wat is afgeprijsd van 100 naar 75 euro. Dat is aantrekkelijk! Als je het koopt ben je 75 euro armer. Je hebt geen 25 euro bespaard, maar 75 euro uitgegeven.

Stel het uit!

Je moet dus sterk in je schoenen staan om deze trucs het hoofd te bieden. Voor de aankoop een stukje zelfonderzoek doen is een stuk moeilijker. In een drukke winkel ga je niet uitgebreid staan analyseren: welk gevoel geeft dit artikel mij? Hmm, zoek ik misschien veiligheid of voelt het toch meer alsof ik onder invloed van reclame ben? Misschien dat het online beter werkt, dan zit je vaak in een rustiger omgeving. Aan de andere kant, via de computer doe je eerder een impulsaankoop dan in een winkel en al helemaal als je via een touchscreen shopt. (Dit is aangetoond door de Universiteit van British Columbia.) Misschien is de beste tactiek die van uitstel. Probeer altijd een dag uitstel te nemen voor je tot aanschaf overgaat. Grote kans dat je er dan anders tegenaan kijkt.

Ik hoorde vandaag een verhaal over Black Friday, waardoor ik dacht: Ja, op die manier heb je er iets aan. De dochter van een kennis had een nieuwe laptop nodig voor school. De laptop in kwestie kostte 600 euro, en het gezin heeft geduldig gewacht met de aanschaf tot Black Friday: 150 euro korting. Met andere woorden: als je koopt, koop zo verstandig mogelijk. Zo komen we er wel.